Samen spelen

Mijn broer zegt:”Jij speelt mama’s muziek en je tweelingzus speelt papa’s muziek”.

En dat klopt.

Mijn vader was van de klassieke muziek, veel Beethoven en Bach klonk er vroeger in ons huis. Sibelius was ook een grote favoriet, ook van mijn moeder trouwens.

Het schijnt dat mijn vader schitterend piano kon spelen. Waarom heb ik dat nooit mogen horen? Nooit! Ik hoorde het van mijn oudste zus, toen mijn vader allang was overleden. Wat moet hij geleden hebben toen wij naast ons een buurjongetje hadden dat vele jaren lang niet verder kwam dan een altijd weer haperende vlooienmars. Arme papa.

Van mijn moeder weet ik dat ze graag orgel speelde. Ze speelde in haar jonge jaren op het kerkorgel. Heel braaf. Totdat ze dacht dat ze alleen was in de kerk. Dan ging ze los en speelde Glenn Miller, Gershwin. Uit haar hoofd. Op het kerkorgel dus, zie je het voor je? 

Mijn tweelingzus speelt viool in een kamerorkest. Prachtig. En daar komt soms Sibelius aan bod, vaak Beethoven, geweldig. Ik probeer geen enkel concert te missen. 

Mijn eigen muzikale carrière begon toen ik ziek was en om die reden van mijn opa een Hohner mondharmonica kreeg. Ik kwam niet verder dan de gebruikelijke liedjes die ieder kind op tienjarige leeftijd kent en zingt, maar toch, het begin was er. De mondharmonica is helaas tijdens een verhuizing zoekgeraakt. 

Daarna zong ik trouw in het schoolkoor, en later, als alt, vele jaren in het studentenkoor, met optredens in de Doelen van Rotterdam en het Concertgebouw in Amsterdam. We zongen Mozart, maar ook Carl Orff’s Carmina Burana, geweldig. Dan voel je je heel wat, kan ik je zeggen.

Les heb ik gehad in zang, gitaar, tenorsaxofoon (ik speelde jaren in de fanfare) en veel later de althoorn. Die speelde ik in de brassband met heel veel plezier. Maar de trombone lokte me aan, die wilde ik dolgraag leren spelen. Het is een lastig instrument, de plaatsen van de noten op de glijdende schaal van de schuif zijn een hele uitdaging, goed luisteren dus. Ik volhard. Koppig als een ezel.

Inmiddels speel ik alweer heel wat jaartjes bij de harmonie. Een groter muzikaal geluk dan Glenn Miller spelen met dit orkest kan ik me nauwelijks voorstellen. Het is de muziek van mijn moeder.

Maar toen kwam de lockdown. Ik ben vast niet de enige die grote moeite heeft zich ertoe te zetten om toch te blijven spelen. Mijn pianolessen, waar ik anderhalf jaar geleden mee begon, liggen stil en de harmonie mag niet repeteren of optreden. Vreselijk vind ik dat.

Gelukkig is mijn pianojuf weer beter, dat geeft de burger moed, maar er zijn nog geen lessen. Quatre-mains spelen met mijn zus (die al langer piano speelt, naast de viool) via Skype lukt niet, wegens de vertraging van het internet. Wel sturen we elkaar nu en dan een geluidsopname van de eigen partij, zodat de ander de hare eronder kan proberen te spelen. Daar hebben we wel schik in. 

Maar de trombone bleef bij mij een ondergeschoven kindje. Totdat Louise (trompet) me tipte om op Youtube te zoeken naar ‘play-along trombone’… 

Dat is gaaf! Vandaag heb ik me langdurig vermaakt met een soort van samen spelen. Want dat is wat ik toch het allerliefste doe. Morgen probeer ik dat ook eens op de piano. Heel leerzaam en veel leuker dan alleen spelen, ik kan het iedereen aanbevelen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s