#Marktplaats, te mooi om waar te zijn?

Ik had een nieuw horloge gekocht en zette daarom het oude op Marktplaats. Al heel snel reageerde iemand die het voor de vraagprijs wilde overnemen. Ik was blij verrast en vond dat heel mooi.

Er volgde een lange reeks appjes over en weer, waaruit naar voren kwam dat hij “de betaling klaar had staan bij de bank en of ik even € 0,01 wilde overmaken voor de zekerheid, want hij was in het verleden opgelicht”. Daarvoor moest ik mijn cardreader bij de hand houden, appte hij. Ook had hij het nu druk, dus morgen zou hij weer contact opnemen. Het was avond en ik had geen zin om het filmpje dat ik zat te kijken ervoor te onderbreken, dus dat kwam me wel best uit.

De volgende dag appte hij weer of ik de cardreader nu bij de hand had om 1 cent naar hem over te maken. Ik vond het inmiddels een raar verhaal. Als ik 1 cent wil overmaken, kan dat zonder de scanner, gewoon met de bank app op mijn telefoontje, dus mijn argwaan groeide.

Hij appte inmiddels vanaf een ander telefoonnummer dan eerst, wel vreemd, vond ik. Toen appte hij “ik zal u bellen”. Dat deed hij via Whatsapp. En ik nam op.

Ik hoorde de stem van een heel jonge, enigszins nerveuze man. Hij legde me uit dat hij zekerheid wilde over het banknummer dat ik hem had geappt. Ik antwoordde dat ik niet van plan was mijn cardreader tevoorschijn te halen, omdat ik degene was die geld van hem ging krijgen en dat hij degene was die betalen moest, omdat ik hem het horloge ging sturen naar het adres dat hij me had geappt.

Hij drong nog even aan, en hield vol dat hij echt graag het horloge wilde hebben, maar begreep uiteindelijk wel dat hij zijn zin niet ging krijgen.

Ik bood nog aan het horloge onder rembours te zenden, zodat hij aan de postbode kon betalen, waarmee hij alle zekerheid had. Daarop was het stil. En bleef het stil.

Ik heb zijn beide telefoonnummers geblokt, ook zijn contactberichten via Marktplaats heb ik verwijderd en hem geblokt op die site.

Later, tijdens mijn wandeling met de hond bedacht ik een scenario, dat ik niet kan bewijzen, maar een ander scenario kan ik niet bedenken: hij was van plan om de “klaarstaande betaling” van het overeengekomen bedrag niet van hem naar mij te laten gaan, maar van mij naar hem. In de hoop, en met de bedoeling dat ik dat niet door zou hebben. Dat het rekeningnummer AAN en het nummer VAN waren omgewisseld, of dat hij niet een betaalverzoek zou sturen voor € 0,01, maar voor bijvoorbeeld € 1000,— . Kijk, en dan was – voor dat aanzienlijk hogere bedrag – natuurlijk de cardreader nodig geweest. Dat is de enige reden die ik kan verzinnen voor zijn aandringen op mijn cardreader.

Wat mij opviel was, dat de beste man geen enkele poging deed om het horloge voor een lager bedrag dan de vraagprijs over te nemen, zoals op Marktplaats volstrekt normaal is. Ook dat er veel tijd overheen ging voordat er op een app werd gereageerd, is niet wat ik op Marktplaats gewend ben van bona fide mensen.

Zomaar een zaterdagmorgen

Ik wandel met Jack, de dwergschnauzer, langs de wetering naar de voormalige wielerbaan. Dit is in de jaren uitgegroeid tot een heerlijk parkje waar vooral hondenwandelaars hun hart kunnen ophalen langs de vele slingerpaden. De honden kunnen er loslopen en naar hartelust spelen, hollen en snuffelen. Op weekse dagen is de wandeling naar de wetering, waar Jack ook los kan hollen, al heel mooi. Ik wil vandaag wat meer inspanning, want mijn coronavet moet eraf. Vanmorgen waren de batterijen van de personenweegschaal leeg en dat is misschien maar goed ook.

Probleemloos volgt Jack mij, ook bij het oversteken aan het einde van de wetering, zonder dat ik hem aan de lijn hoef te doen.

Bij de wielerbaan is het grote hek op slot. Niet getreurd, voor voetgangers is het kleine poortje open en wij gaan naar binnen. Jack volgt me op de voet. We hebben het rijk alleen, schijnt het, komt dat door het slot op het grote hek? Ik weet dat defensie hier weleens oefent, dus luister stil of ik schoten hoor, maar het is stil, op de geluiden van de vogels na.

We wandelen de grootste ronde van de wielerbaan, waar we applaus krijgen van een klapwiekende duif, tak-tak-tak, en waar allerlei vogels, groot en klein, met hun roep het ruisen van de wind in de bomen overstemmen. Een witte vlinder fladdert om mijn hoofd. Net als in onze tuin zijn er ook hier opvallend veel vlinders dit jaar. De zon schijnt wit in het water van de slootjes die door het park kronkelen.

Er liggen verbazend veel konijnenkeutels op de paden en mijn voeten zoeken zigzaggend hun weg om de schoenen redelijk schoon te houden. We stappen flink door, zoals mijn gewoonte is, terwijl Jack de afstand meermalen aflegt, omdat er links en rechts gesnuffeld moet worden.

Pas als we weer bij het grote hek aankomen zijn er meer hondenwandelaars. Jack laat de grote hond die hem nadert doen wat honden dan altijd doen, maar ik loop door nadat ik de eigenaar van de hond goedemorgen heb gewenst. Al snel voegt Jack zich weer, zoals verwacht, bij me en samen verlaten we het park door het voetgangerspoortje. Deze keer doe ik hem wel even aan de lijn bij het oversteken, omdat er auto’s rijden op de weg. Maar langs de wetering mag hij weer los.

We stappen stevig door. Een wandelaar komt ons tegemoet. Jack loopt op hem af en snuffelt even, zoals hij dat vaker doet bij wandelaars die we tegenkomen.

Ik concludeer dat de persoon zich er niet aan stoort en loop door. Tot ik na een poosje omkijk en zie dat Jack terug is gelopen, achter de wandelaar aan. Dat is vreemd, die meneer zal wel heel lekker ruiken, denk ik. Ik roep Jack, en fluit, maar hij schijnt het niet te horen en volgt de wandelaar op de voet. Alsof dat zijn nieuwe baasje is.

Ik blijf waar ik ben, want ik ben gewend dat Jack vanzelf weer naar me toe komt. Maar hij komt niet. Hij blijft bij de wandelaar, die inmiddels alweer bij de oversteekplaats is. En oversteekt. Ik kan Jack nog maar net ontwaren als een kleine zwarte stip met een wit kontje.

Nu begin ik te hollen. Terug de hele wetering langs. En ik roep en ik fluit.

Die meneer moet wel héél lekker ruiken.

Eindelijk ben ik kennelijk voor Jack binnen gehoorsafstand en hij draait zich om, zodat hij me ziet. Ik sta stil en roep weer. Dan, eindelijk, beweegt hij in mijn richting.

Als hij bij me is, zeg ik ‘zit’ en hij zit, als de braafste hond van de wereld. Ik bevestig de lijn aan zijn tuigje en houd hem aan de lijn en aan de hiel, de hele weg terug naar huis. De lengte van de wetering, plus de lengte van onze straat, wat ook al een flink eindje is. Een goede oefening voor hem in naast lopen, zonder telkens te snuffelen aan elke boom, pol of struik.

Aangekomen in onze straat, zie ik een man in een groot rechthoekig vaartuig, die de sloot aan het ontdoen is van alle riet. Dat ruik je. Het is een merkwaardige muffe geur, helemaal niet fris en groen. Zal wel nodig zijn, maar ik vind het jammer, die kale boel.

Toen ik bezweet en wel thuis de deur achter ons sloot, realiseerde ik me dat mijn stappenteller niet aan mijn pols maar nog in de oplader zat… dat overkomt mij nou nooit!

Tijd

Tijdens mijn werkzame leven had ik er geen moeite mee, net als de meesten, om mijn tijd nuttig te vullen. Ik gaf vele jaren Engelse les op middelbare scholen en had nog meer jaren mijn vertaalbureau, vertaalde en tolkte dat het een aard had, bracht in mijn eentje twee zonen groot, erg groot zelfs. En had, heb nog steeds, een praktijk als counsellor, hypnotherapeut en magnetiseur.

En dan opeens ben je 65. Je krijgt AOW en een pensioentje en hebt voor jezelf een en ander opzij gelegd, om nare verrassingen op te kunnen vangen. 

En dan?

Ik stopte met het vertaalbureau maar hield de praktijk aan om niemand ‘te laten vallen’. Op kleine schaal. Zonder nog ergens te adverteren.

Dat laat nog veel tijd over in een week. Daar moet natuurlijk wel iets moois mee worden gedaan. Nu speel ik al jaren blaasmuziek. Via saxofoon (tenor en alt) en althoorn nu trombone bij de muziekvereniging. Mijn lust en mijn leven. Maar ja, je kunt niet de hele dag trombone spelen. Ik tenminste niet. Toen besloot ik te leren piano spelen. Daar ben ik ook aardig wat tijd mee zoet in de week.

En verder?

Verder lees ik Proust, in het Frans, ben er al een jaar mee bezig en ben nu over de helft van de 7706 pagina’s. Snel gaat het niet, dat komt omdat ik alle nieuwe woorden opzoek. Ik heb veel steun aan mijn Engelse achtergrond, aangezien beide talen veel leenwoorden hebben van elkaar. Dus over een jaar mag je me alles vragen over Proust, zijn denkbeelden en zijn ervaringen in de hoogste kringen van Parijs en wijde omgeving. Best verrassend, dat boek. Á la recherche du temps perdu. Bijkomend voordeel is dat ik er zo lekker op slaap. Al na 5 pagina’s vallen mijn luikjes dicht.

En schrijven, dat had de oplettende lezer al opgemerkt, is ook iets dat ik graag doe.

Als je nog moet werken voor de kost, kun je je nauwelijks een voorstelling maken van de tijd die daarna komt, als die je is gegeven. Het heeft mij zelf verbaasd dat ik mijn vertaalbureau van de ene op de andere dag aan de wilgen kon hangen. Maar ik kon het, ik deed het. En het voelde goed.
De stress van het steeds op tijd moeten leveren van foutloos Engels, maar ook alle andere talen, waarvoor ik werkte met freelancers. De stress van klanten die niet, of niet op tijd, betalen, want bij de bakker kan ook ik niet gratis brood halen. Die stress is er niet meer nu, heerlijk. De klantjes voor de counsellingpraktijk betalen contant of met pin, dus daar heb ik er geen kopzorgen over. Ik beschouw het als een prettige bijverdienste, ik kan er mooi mijn pianojuf van betalen.

Helaas, door de coronamaatregelen moest de praktijk dicht.

Door die maatregelen, waar ik overigens volledig achter sta, viel ik in een diep gat. Mijn werk was nu volledig weg, de muziekvereniging zat op slot, mijn pianolessen mochten niet meer doorgaan. Geen bezoek van of aan familie – wat bij ons een plezierige regelmaat kende – , alles hield op te bestaan. Ik vocht tegen mijn tranen. Ik troostte me met het feit dat ik tenminste nog mijn man mocht knuffelen, voor hoevelen was zelfs dat niet mogelijk? Ik vond het moeilijk mijn tijd te vullen met alleen lezen, schrijven en trombone- en pianospelen. Het klinkt als een boel activiteiten, maar dat is het niet, want in de week hou ik nog vele uurtjes over die mooi konden worden ingevuld. 

En nog een boek schrijven? Nee, na vier boeken houd ik het (voorlopig?) voor gezien, ik hoef niet naar het boekenbal of zo, dank je wel.

O, ik heb echt begrip voor de opstandelingen die tegen deze maatregelen zijn. Opgehokt zijn is vreselijk en de frustraties groeien met de dag. Maar begrip is wat anders dan het ermee eens zijn. Ik snap ze, maar zou willen dat Rutte het ze eindelijk duidelijk maakt hoe deze vork in die steel zit. De vork van de verspreiding in de steel van dat snertvirus. Toe Mark, leg ze dat nou eens uit in Jip-en-Janneke-taal. Zodat we allemaal onze tijd weer mooi kunnen gaan invullen. 

En dat is alleen nog maar de ochtend…

Ik begon de dag met mijn superyoga-oefening. Die bestaat vooral uit strekken en armen versterken. Voelt fijn aan. Op dagen dat ik dat oversla voel ik me beslist minder fit.

Na het ontbijt met Ruud maakte ik een extra lange wandeling met de hond. Langs de wetering kan hij lekker los hollen en ik kan marcheren, waar ik zo van houd.

Al een aantal dagen heb ik geen trombone gespeeld. Ik voel me niet gestimuleerd zo zonder orkestrepetities. Er zullen voorlopig wel geen optredens zijn, dus wat heeft het voor zin. Tot ik op facebook een paar kinderen op een foto zag die op straat een concert stonden te geven. Om alle thuiswerkers op te vrolijken, zo lief. Ik dacht:”Kom op Thijs (in zo’n geval noem ik mezelf bij mijn meisjesnaam), hoezo heb je een stimulans nodig? Aan de slag jij!“

Vanmorgen dus toch mezelf maar een schop gegeven en gespeeld. Voor mezelf. Ik bedacht dat er ooit wel weer ergens opgetreden gaat worden en dan wil ik wel nog mijn embouchure hebben, die ik in vele jaren heb opgebouwd. Hij was er nog hoor, de embouchure, ik heb goed gespeeld.

Piano spelen doe ik wel elke dag, merkwaardig genoeg, ondanks dat mijn lerares zich ziek heeft gemeld. Ik heb haar beloofd “voorzichtig verder te gaan in mijn lesboek”. Dus ik heb alvast zelf extra huiswerk in mijn schrift gezet. 

Ruud kwam om elf uur thuis met de Jumboodschappen, maar zonder… ja hoor, zonder wc-papier. Alles weggehamsterd. Ik ben op de fiets gestapt, een winkelcentrum verderop zou meer kans geven, hoopte ik. Daar is de Appie. Ik liep de winkel in en koerste rechtstreeks af op de juiste afdeling, maar helaas… uitsluitend lege schappen. Wel bij de kassa’s lange rijen mensen, die niet genoeg afstand hielden. Blij dat ik er snel langs kon lopen, zoefde ik weer naar buiten. Ik had nog een kans: de Lidl. Hoera, die had nog liggen. Dus ik heb een groot pak meegenomen. Geen idee of de kwaliteit goed is, maar goed, we hebben althans iets.

Wat ik niet snap, is dat het systeem van bevoorrading van de Jumbo en AH dit idiote fenomeen van pleepapierhamsteraars kennelijk ook niet aankan, terwijl je weet dat er grote voorraden zijn. Je zou denken ‘stuur es even een extra vrachtwagen of drie met dat spul naar de winkels.’ Maar ja, ik zit niet in die business, dus ik moet maar geloven dat dat niet, of in elk geval onvoldoende, kan. Maar raar is het. En vreselijk voor al die mensen die niet zo makkelijk die extra moeite kunnen doen om er wat van in de kast te hebben. Dat doen de hamsteraars hun buren aan.

Enfin, tijd voor de lunch, dan ga ik daarna piano spelen. Voor Ruud en voor mezelf. Geen stimulans nodig.

Daar kan ik lekker marcheren…

Het mooie

Het mooie van een kinderfeestje

Is dat we ‘s avonds lekker vroeg

weer naar huis kunnen, als we

doodmoe zijn van alle

kinderdrukte en

blij dat we zomaar de

troep de troep kunnen laten,

Is ook dat we ons

afzijdig kunnen houden

van gesprekken tussen

ouders van nichtjes en neefjes,

Of juist ons er wél in mengen

als het onderwerp ons

aanspreekt of raakt,

Maar het allermooiste is

dat de nu zes-jarige kleindochter

Regelmatig behoefte heeft aan

een omaschoot om op te klimmen,

om gewiegd te worden,

Aan een geneuried lied

om naar te luisteren, om

Met haar bluetooth microfoon

Een interview te geven

over

dat ze al een jaar de

stille wens heeft om

zangeres te worden,

De liedjes meezingt van spotify

Van k3, “oei, oei, oei”,

kinderen voor kinderen…

Die komt er wel.

Een bijzondere verjaardag

We werden 69. Mijn tweelingzus en ik. Heel mooi, op zich. 

Wel stond de gedachte me tegen dat we alweer onze verjaardag zonder elkaar zouden vieren. Net als zoveel vorige verjaardagen. Zo gaat dat als je elk je eigen leven hebt, inclusief kinderen en kleinkinderen, vrienden en vriendinnen, die je graag komen feliciteren. Logisch. Het gevolg is al die jaren geweest dat we elkaar’s verjaardagen misliepen. 

Dat moet toch een keer anders kunnen, dacht ik. 

Het toeval wilde dat mijn tweelingzus en mijn zwager kort daarvoor onverwachts bij ons op de stoep stonden, omdat ze toch in de buurt waren. Ik vroeg aan mijn zus:”Zeg, die kinderen van jou, die kunnen misschien ook niet zo gemakkelijk komen op een doordeweekse dag? Kunnen we niet van de gelegenheid gebruik maken en die avond met ons viertjes uit eten gaan?” Dat voorstel viel goed, gelukkig. 

Deze verjaardag zou ik met mijn tweelingzus vieren, voor het eerst in misschien vijftig jaar. Deze keer moesten zij en ik dus een keer de overige familie missen op deze feestelijke dag. En dan denk je ach, die zien we snel weer. Maar dat is niet hetzelfde. 

Het etentje was geweldig geslaagd, we hadden grote pret, in een restaurant dat voor beide stellen goed aan te rijden was. We hebben alle vier genoten, niet alleen van het eten, maar vooral ook van elkaar’s gezelschap. We spraken af bij het afscheid, dat als we ooit naar een bejaardenhuis moesten, dat we dan naar hetzelfde zouden gaan, dan hadden we tenminste elke dag lol.

Maar ja, zelf miste ik de kinderen wel, en dat voelde ik de volgende morgen nóg. 

Omdat ik ook weleens wat kwijt wil

Gedachten die ik met je wil delen komen bij mij vaak op als ik ’s morgens net wakker ben. Dan is de elektronica nog niet aan en op mijn telefoontje een hele tekst typen vind ik niet fijn.

Toch wil ik weleens wat kwijt. Over mijn eigen leven, of dat van een ander, een bekende of een gebeuren in het nieuws waarvoor twitter of Facebook niet geschikt zijn, omdat de ruimte te klein is. Dan kun je een twitter-draadje gaan zitten typen, maar dat bevalt me uiteindelijk ook niet.

Daarom ben ik dit Blog gestart. Zodat ik niet beperkt word en me vrij kan uiten over de Toestand In De Wereld. (Zonder GBJ Hilterman – ken je die nog? – te willen imiteren.)

Dus kom nog eens kijken of ik ergens een mening over heb geuit, of rare dingen heb meegemaakt. Kan zomaar gebeuren.